De plaatselijke regels bij Prise d’eau

Naast de altijd geldende plaatselijke regels van Prise d’eau, kunnen er ook tijdelijke plaatselijke regels van kracht zijn, zoals bijvoorbeeld plaatsen. Plaatselijke regels worden gepubliceerd op deze website, bij iedere 1e hole en in de app GOLF.nl.

Plaatselijke regels Prise d’eau
Versie 1-1-2019

  1. Out of bounds: wordt aangegeven door witte palen.
  2. Aangepaalde bomen en afstandspalen zijn vaste obstakels, waarvan ontwijken zonder strafslag is toegestaan volgens Regel 16.1b.
  3. Een belemmering door een sproeikop mag worden ontweken volgens Regel 16.1. De speler heeft een extra mogelijkheid om een belemmering van een sproeikop te ontwijken als het obstakel zich dicht bij de green en op de speellijn bevindt. Bal in het algemene gebied. De speler mag ontwijken volgens Regel 16.1b indien de sproeikop zich op de speellijn bevindt, en:
      • binnen twee clublengten van de green ligt, en
      • binnen twee clublengten van de bal.

    Een sproeikop mag volgens deze plaatselijke regel niet ontweken worden als de speler een speellijn kiest die duidelijk onredelijk is.

  4. Grond in bewerking (GUR), gemarkeerd door blauwe palen met groene koppen, is een verboden speelzone. Bij een belemmering door deze verboden speelzone is het verplicht deze zonder straf te ontwijken volgens Regel 16-1f.
  5. Tijdelijke greens omgeven door een witte lijn zijn verkeerde greens, zelfs als deze niet in gebruik zijn, en moeten worden ontweken volgens Regel 13-1f.
  6. Als een bal in de hindernis achter de green van hole 9 van de Blaak ligt of als het praktisch zeker is dat een bal die niet gevonden is tot stilstand gekomen is in deze hindernis, heeft de speler de volgende opties met één strafslag:
      • ontwijken volgens Regel 17.1d (1), of
      • als een extra mogelijkheid mag de speler de oorspronkelijke bal of een andere bal droppen in de droppingzone (DZ) links naast het pad. Deze droppingzone is een dropzone zoals bedoeld in Regel 14.3.

    De speler mag de hindernis niet ontwijken volgens Regels 17.1d(2) of 17.1d(3).

  7. De rode hindernis links op hole 4 van de Leij (de Oude Leij) is maar aan een kant gemarkeerd en strekt zich uit tot het oneindige.
  8. Als een bal in de hindernis achter de green van hole 2 van de Leij of in het riviertje de Oude Leij op hole 4 van de Leij is beland of als het bekend of praktisch zeker is dat een bal die niet is gevonden tot stilstand is gekomen in deze hindernis, heeft de speler de volgende opties met een strafslag:
      • ontwijken volgens Regel 17.1, of
      • als een extra mogelijkheid, de oorspronkelijke bal of een andere bal in de droppingzone (DZ) droppen links voor de green (hole 2) dan wel rechts naast het pad (hole 4). Deze droppingzone is een dropzone zoals bedoeld in Regel 14.3.
  9. Als bij het spelen de speler moet handelen volgens Regel 13-1f, omdat zijn of haar bal tot stilstand is gekomen op een verkeerde green of als die green een belemmering vormt voor zijn of haar stand of de ruimte voor de voorgenomen swing:
      • Bij het bepalen van de dropzone voor het ontwijken van de verkeerde green, omvat deze green ook de voorgreen vanaf de greenzijde van de witte metalen plaatjes.
      • Dit betekent dat bij het bepalen van het dichtstbijzijnde punt zonder enige belemmering zowel de green als de voorgreen volledig ontweken moet worden.

Straf voor overtreding van een plaatselijke regel: Algemene straf.

Download als pdf

Tijdelijke plaatselijke regels Prise d’eau

    1. Ter bescherming van de jonge aanplant is er momenteel een tijdelijke plaatselijke regel van toepassing die verplicht deze jonge aanplant te ontwijken:De jonge aanplant/bomen gemarkeerd door een plastic omhulsel of door blauwe of witte tape vormen een verboden speelzone.
        • Als de bal van een speler ergens op de baan, maar niet in een hindernis ligt en deze ligt op of tegen een dergelijke boom of een dergelijke boom vormt een belemmering voor de stand van de speler of de ruimte voor de voorgenomen swing, dan moet de speler de belemmering ontwijken volgens Regel 16.1f.
        • Als de bal in een hindernis ligt, en een dergelijke boom vormt een belemmering voor de stand van de speler of de ruimte voor de voorgenomen swing, dan moet de speler de belemmering ontwijken ofwel met een strafslag volgens Regel 17.1 e (1) ofwel zonder strafslag volgens Regel 17.1e(2).

 

  1. Als de bal van een speler in een bunker ligt, mag de speler zonder strafslag éénmaal de oorspronkelijke bal of een andere bal plaatsen in de bunker. Het gebied waarin geplaatst mag worden en waarvan dan gespeeld mag worden, mag niet verbeterd worden en het gebied waarin geplaatst mag worden moet voldoen aan de volgende eisen:
      • Referentiepunt: plaats van de oorspronkelijke bal.
      • Afmeting van het gebied gemeten van referentiepunt: 15 cm van het referentiepunt, maar met de volgende beperkingen:
          • dit gebied mag niet dichter bij de hole zijn dan het referentiepunt, en
          • dit gebied moet in de bunker zijn.

    Bij het handelen volgens deze plaatselijke regel moet de speler een plek kiezen om zijn bal te plaatsen en de procedures te volgen voor het terugplaatsen van een bal volgens de Regel 14.2b(2) en 14.2e.

  2. Het door schrikdraad gemarkeerde gebied voor grazende schapen (met of zonder schapen binnen de afrastering), is een verboden speelzone die moet worden beschouwd als een abnormale baanomstandigheid. Deze verboden speelzone strekt zich uit tot 1 clublengte buiten het schrikdraad. Bij een belemmering door deze verboden speelzone is het verplicht deze zonder straf te ontwijken volgens Regel 16-1f.

Straf voor spelen van bal van een verkeerde plaats in overtreding van een plaatselijke regel: Algemene straf volgens Regel 14.7a.

————————————————–

Soms wordt bij de status van de baan aangegeven dat er ook andere tijdelijke plaatselijke regels van toepassing zijn. In dat geval geldt hiervoor onderstaande omschrijving. Zonder expliciete melding bij de status van de baan zijn deze regels dus niet van toepassing.

  1. Beluchtingsgaten.
    Als de bal van een speler in of tegen een beluchtingsgat ligt:

      • Bal in het algemene gebied.
        De speler mag deze belemmering ontwijken volgens Regel 16-1b. Als de bal tot stilstand komt in een ander beluchtingsgat, dan mag de speler deze opnieuw volgens deze plaatselijke regel ontwijken.
      • Bal op de green.
        De speler mag de belemmering ontwijken volgens Regel 16-1d.

    Echter er is geen sprake van belemmering als het beluchtingsgat alleen een belemmering vormt voor de stand van de speler of, op de green, voor de speellijn van de speler.

Straf voor spelen van bal van een verkeerde plaats in overtreding van een plaatselijke regel: Algemene straf volgens Regel 14.7a.

Bij het gebruik van deze website gaat u akkoord met het gebruik van cookies Meer informatie

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close